Bosch — 19.1 Reinigingsadvies

Reinigingsfunctie "EcoClean" nl Gebied Geschikte schoonmaak- middelen Aanwijzingen Watertank Ў Warm zeepsop Om na de reiniging resten schoonmaakmiddel te verwijderen met schoon water grondig naspoelen. Om de watertank na de reiniging te drogen, de watertank met geo- pend deksel laten drogen. Afdichting op het deksel goed drogen. Niet in de vaatwasser reinigen. Kerntemperatuur- meter Ў Warm zeepsop Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel. Niet in de vaatwasser reinigen. 18.2 Apparaat schoonmaken Reinig om beschadiging van het apparaat te voorko- men het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.

‒ Voor sommige oppervlakken kunt u alternatieve reinigingsmiddelen gebruiken. → "Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 29 2. Drogen met een zachte doek. WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden! Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar on- derdelen die men kan aanraken heet. ▶ Wees voorzichtig om het aanraken van verwar- mingselementen te voorkomen. ▶ Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt wor- den gehouden. Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte regenereren Achterwand, plafond en zijwanden van de binnenruimte zijn zelfreinigend en hebben een ruw oppervlak. LET OP!

Als de zelfreinigende oppervlakken niet regelmatig wor- den gereinigd, kan dit leiden tot schade aan de opper- vlakken. ▶ Als op de zelfreinigende oppervlakken donkere vlek- ken zichtbaar zijn, de ovenruimte met de reinigings- functie reinigen. ▶ Als op het display een verzoek tot reiniging ver- schijnt, de binnenruimte met de reinigingsfunctie rei- nigen. ▶ Geen ovenreiniger of schurende reinigingsmiddelen gebruiken. Wanneer er per ongeluk ovenreiniger op de zelfreinigende oppervlakken terechtkomt, direct afdeppen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven. ▶ Gebruik de reinigingsfunctie. → "Reinigingsfunctie 'EcoClean'", Pagina 31 WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen. ▶ Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwar- mingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging. Vereiste: De instructies voor het gebruik van de reini- gingsmiddelen aanhouden. → "Reinigingsmiddelen", Pagina 29 1. Het apparaat met warm zeepsop en een schoon- maakdoekje reinigen. 19 Reinigingsfunctie "EcoClean" Gebruik regelmatig de reinigingsfunctie "EcoClean" zodat het reinigingsvermogen van de zelfreinigende op- pervlakken behouden blijft en er geen schade ontstaat. De zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en heb- ben een ruw oppervlak.

Wanneer het apparaat in ge- bruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken vets- petters van het bakken, braden of grillen op en breken ze af. De volgende oppervlakken zijn zelfreinigend: Ў Achterwand Ў Plafond Ў Zijwanden LET OP! Als de zelfreinigende oppervlakken niet regelmatig wor- den gereinigd, kan dit leiden tot schade aan de opper- vlakken. ▶ Als op de zelfreinigende oppervlakken donkere vlek- ken zichtbaar zijn, de ovenruimte met de reinigings- functie reinigen. ▶ Als op het display een verzoek tot reiniging ver- schijnt, de binnenruimte met de reinigingsfunctie rei- nigen. ▶ Geen ovenreiniger of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.

Wanneer er per ongeluk ovenreiniger op de zelfreinigende oppervlakken terechtkomt, direct afdeppen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven. 19.1 Reinigingsadvies Het apparaat registreert het type en de duur van de werking van het apparaat en adviseert indien nodig om de reinigingsfunctie te gebruiken. Als u het apparaat inschakelt, verschijnt een aanwijzing op het display om de reinigingsfunctie te gebruiken. Start zo snel mogelijk de reinigingsfunctie. 31